Fotocredit: Henri Blommers.

 

Nadat in 1982 de eerste Nederlandse patiënt de diagnose aids ontving en kort daarna overleed, brak ook in Nederland de aidscrisis uit. In ruim veertig jaar overleden zo’n 5.000 mensen, het grootste deel mannen die seks hebben met mannen, mensen die drugs gebruiken en hemofiliepatiënten. Vandaag de dag leven er ruim 25.000 mensen met hiv, een klein deel zonder het te weten. Deze groep is diverser dan de eerste generatie die met de hiv- en aidsepidemie te maken kreeg. Door gedragsveranderingen, medische doorbraken en het werk van activisten zijn hiv en aids meer bespreekbaar geworden, maar nog steeds is (zelf)stigma niet verdwenen.

De generaties die in de vroege jaren tachtig met hiv en aids te maken kregen, omdat ze geïnfecteerd werden, familie of vrienden verloren, of als activist, zorgverlener of beleidsmaker betrokken raakten, gaan inmiddels richting de negentig. Herinneringen ophalen kan pijnlijk zijn, maar ook helend werken.

Vanaf 2026 gaan vrijwilligers bij Stichting House of Hiv deze verhalen vastleggen. Samen maken zij een archief waarin niet het beleid rondom hiv en aids centraal staat, maar persoonlijke ervaringen met hiv, aids, verlies, zorg en activisme door de decennia heen. Het is de ambitie van House of Hiv om via dit archief de geschiedenis van hiv en aids opnieuw te belichten en nieuwe verhalen te vertellen.

Als je wilt, kan ik er ook nog een versie van maken die iets vloeiender en minder repetitief is, maar toch goed zoekbaar blijft.