Diversiteit van het Amersfoorts Geheugen

Realisatie project:

Overzicht interviews:

Oral-history-interviews-bijgewerkt-december-2015.html

 

Tijdsbestek: 
Locatie: Amersfoort

Aantal interviews: 40

waarvan 24 toegankelijk

bij Archief Eemland

De afgelopen vijftig jaar is een groot aantal migranten naar Amersfoort gekomen om een nieuw leven op te bouwen. Over hun geschiedenis was in Archief Eemland niets terug te vinden. Om dit te veranderen en toekomstig bronnenonderzoek mogelijk te maken stelt Archief Eemland zich ten doel bronnenmateriaal over migranten te verzamelen. Met het oral history project ‘Diversiteit van het Amersfoorts Geheugen’ is hiervoor een basis gelegd.

Inmiddels bestaat de collectie uit 40 interviews (waarvan 24 openbaar toegankelijk) met Amersfoortse migranten. Op www.archiefeemland.nl staat informatie over de inhoud en achtergrond van het project.

Uit de tentoonstelling ‘Amersfoort Werkt!’ van Museum Flehite in 2005. Acht portretten van personen in hun werkomgeving leggen de verbinding tussen vroeger en nu. De geportretteerden vertellen over hun werk in de stad en hun persoonlijke liefde voor het vak.

Ali en Arlan Alagöz van supermarkt Gözde Plaza. Op de website van Archief Eemland, onder ‘Oral History’, is een interview terug te vinden met de heer Ali Alagöz. © foto:  Tjeerd Jansen

Late gevolgen van Sobibor

 

Realisatie project:

Selma Leydesdorff (interviews), University of Amsterdam

Mirjam Huffener (project manager), Stichting Sobibor

 

Tijdsbestek: 1930-2009
Locatie: Nederland, Polen, Sobibor

 

sobiborinterviews.nl

 

DANS. https://doi.org/10.17026/dans-xpj-g9jt

 

 

Deze collectie bevat 31 interviews met zowel nabestaanden van mensen die in Sobibor zijn vermoord als met Nederlandse, Poolse, Oekraïense en Russische overlevenden van de opstand in Sobibor (14 oktober 1943).

 

De interviews zijn levensgeschiedenissen waarin de geïnterviewden vertellen over de wereld die zij hebben achtergelaten met de dood van verwanten in Sobibor, en hoe zij hun leven daarna hebben geleefd zonder hun geliefden. Nabestaanden vertellen wat de moord op hun naaste heeft betekend. Vaak gaat het om een of beide ouders. De overlevenden, van de opstand die op 14 oktober 1943 in Sobibor plaatsvond, gaan in hun verhaal ook in op hun leven voor en na het vernietigingskamp.

 

Nederlandse oud-gevangenen van kamp Buchenwald

GETUIGENVERHALEN.NL

 

Realisatie project:

NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudie

 

Tijdsbestek: 1941-1945
Locatie: Buchenwald, Duitsland, Nederland
Aantal interviews: 38

 

Thematische collectie: Erfgoed van de Oorlog

DANS: https://doi.org/10.17026/dans-278-xu5v

 

Interviews te zien via:

 

Op de Ettersberg, een forse met bossen begroeide heuvel acht kilometer ten noorden van Weimar in Duitsland, werd in 1937 door de nazi’s het concentratiekamp Buchenwald opgericht. Het werd al snel een van de grootste concentratiekampen van het Derde Rijk. Van de naar schatting 240.000 mensen die in het kamp gevangen zaten, zijn er officieel 34.000 gestorven. Maar tegenwoordig schat men het sterftecijfer veel hoger, namelijk op 50.000.

 

Nadat Nederland in mei 1940 door Duitsland was veroverd, werden er al snel ook Nederlanders na Buchenwald getransporteerd; naar schatting 3300 mensen. Het betrof onder andere gijzelaars, joden, verzetsmensen, Jehova’s Getuigen en werkweigeraars. Hoe het hen in Buchenwald is vergaan, is lang niet altijd meer te achterhalen. Zeker is wel dat er 497 Nederlanders in Buchenwald zijn omgekomen en dat toen het kamp werd bevrijd zich daar nog 384 Nederlanders bevonden.

 

In de periode 2000-2001 heeft de voormalige Vereniging van Oud-Buchenwalders 38 Nederlandse oud-gevangenen geïnterviewd. De interviews zijn financieel mogelijk gemaakt door het ministerie van VWS in het kader van het project ‘Tegoeden Tweede Wereldoorlog’. Met dit interviewproject greep de Vereniging Oud-Buchenwalders een van de laatste mogelijkheden aan om de ervaringen van deze ooggetuigen vast te leggen. In 2001 werd de Vereniging opgeheven en vervangen door het Herdenkingscomité Buchenwald dat zich primair richt op de voortgang van de herdenkingen.

In 2002 zijn de gefilmde interviews van Nederlandse oud-gevangenen van kamp Buchenwald overgedragen aan het NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies. Het NIOD heeft de interviews digitaal ontsloten en doorzoekbaar gemaakt. Dit werd financieel mogelijk gemaakt door het ministerie van VWS in het kader van het project ‘Erfgoed van de Oorlog’ (2007-2009). In opdracht van het NIOD heeft filmmaker Emiel Bakker, op basis van de interviews, de documentaire ‘Vooral niet opvallen. Nederlanders in Buchenwald’ (2008) gemaakt.

In opdracht van het NIOD heeft filmmaker Emiel Bakker, op basis van de interviews, de documentaire ‘Vooral niet opvallen. Nederlanders in Buchenwald’ (2008) gemaakt. De documentaire is in november 2008 tijdens het 21e “International Documentary Film Festival Amsterdam” (IDFA) in première gegaan en op 4 mei 2009 door de NPS op TV uitgezonden.

Akkers van Margraten

GETUIGENVERHALEN.NL

 

Realisatie project:

Ruim Kader Films, Regionaal Historisch Centrum Limburg  © (2010)

REGIONAAL HISTORISCH CENTRUM LIMBURG

 

Tijdsbestek: 1944-1948
Locatie: Nederland
Aantal interviews: 43

 

Thematische collectie: Erfgoed van de Oorlog

DANS: HTTPS://DOI.ORG/10.17026/DANS-ZBA-AHPJ

 

Website:

Akkers van Mangraten.nl

 

 

 

 

In september 1944 bevrijden Amerikaanse soldaten van de 30e Infanterie Divisie van het eerste Amerikaanse leger Zuid-Limburg. Tot verbazing van de plaatselijke boeren worden een  maand later nabij Margraten de eerste gesneuvelde Amerikanen in hun akkers begraven. Niemand kon toen bevroeden dat kort daarna meer dan twintigduizend kruisen en davidsterren in de modder zouden steken op een van de grootse Europese oorlogskerkhoven. In november 1944 nam het Negende Amerikaanse leger de begraafplaats officieel in gebruik. De Nederlandse regering had daarvoor de grond in eigendom genomen en vervolgens uit eerbied en dankbaarheid voor eeuwig aan de Verenigde Staten ter beschikking gesteld. Ook Duitsers en Russen zijn op de Amerikaanse militaire begraafplaats begraven geweest. Op dit moment zijn er nog 8.301 Amerikaanse graven in Margraten. 

 

In het kader van dit oral history-project komen ooggetuigen van de oorlog in Margraten aan het woord en meer in bijzonder personen die met eigen ogen hebben gezien hoe het oorlogskerkhof werd aangelegd. Nooit eerder hebben  ooggetuigen van de aanleg van het militaire kerkhof over hun ervaringen verteld. Veel Nederlandse ooggetuigen maken melding van de vele zwarte Amerikanen, die bij de aanleg van het kerkhof betrokken waren en zwaar werk moesten verrichten in barre weersomstandigheden.

Collectie Diederichs

Realisatie project:

Aletta, instituut voor vrouwengeschiedenis (1993)

Atria

 

aantal interviews: 42

(beperkt openbaar)

 

Thematische collectie: Erfgoed van de Oorlog

DANS: https://doi.org/10.17026/dans-znh-75dd

 

‘Wie geschoren wordt moet stil zitten: de omgang van Nederlandse meisjes met Duitse militairen’ / Monika Diederichs (2006)

 

De Collectie Diederichs bestaat uit 42 diepte-interviews met vrouwen die zelf een relatie hadden en / of van wie een familielid tijdens de oorlog een relatie had met een Duitse militair.

 

De aanleiding voor deze interviews was het samenstellen van het boek ‘Wie geschoren wordt moet stil zitten: de omgang van Nederlandse meisjes met Duitse militairen’ / Monika Diederichs (2006).

Vrouwen van de CPN

© Ben van Meerendonk / AHF, collectie IISG

GETUIGENVERHALEN.NL

 

Realisatie project:

 

Atria

 

Tijdsbestek: 1926-2009

 

aantal interviews: 44

(beperkt openbaar)

 

Thematische collectie: Erfgoed van de Oorlog

DANS: https://doi.org/10.17026/dans-x4r-qtx3

 

Over de ervaringen van vrouwelijke leden van de Communistische Partij Nederland (CPN) tijdens de Duitse bezetting was nog niet veel bekend. Te zien en te horen zijn twaalf voornamelijk gewone en niet zo zeer prominente vrouwelijke partijleden, die bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog minstens veertien jaar oud waren. Centraal in de vraaggesprekken staat het dagelijks leven van de vrouwen vlak voor, tijdens en na de bezettingsjaren.

Uit de interviews komt naar voren dat de communistische vrouwen al vroeg op de hoogte waren van de dreiging die uitging van nazi-Duitsland. Vanaf 1933 werden vaak al Duitse vluchtelingen opgevangen door familie of bekenden van de geïnterviewden. Veel vrouwen raakten later betrokken bij acties tegen generaal Franco ten tijde van de Spaanse Burgeroorlog.

 

Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak, waren veel vrouwen dikwijls al politiek actief. De vrouwen vertellen over hun activiteiten als koerierster of verspreider van het illegale communistische blad De Waarheid. Bovendien gaan de vrouwen in op hun rol binnen het (gewapend) verzet en spreken zij over hun interneringstijd of onderduikperiode.

 

Voor vrijwel alle vrouwen waren hun ervaringen tijdens de Duitse bezetting richtinggevend voor hun naoorlogse (politieke) leven. Uitvoerig gaan zij dan ook in op de periode van de Koude Oorlog, toen in het gepolariseerde politieke klimaat de CPN steeds meer in een isolement kwam te verkeren.

 

Het interviewproject werd uitgevoerd door Aletta, Instituut voor Vrouwengeschiedenis (nu: Atria) en in 2009 afgerond.

Hou t was

HOU-T-WAS

 

Aantal interviews: 31

In Hou t was vertellen Groningers, de titel verklapt het al, over hun leven vroeger. Dat levert interessante, herkenbare en soms ook ontroerende verhalen op, die RTV Noord heeft uitgezonden. Deze televisieverslagen duurden over het algemeen een minuut of zeven en werden ondersteund met passend beeldmateriaal uit de collectie van het GAVA en de Groninger Archieven en zijn via de filmbankgroningen te bekijken.

De complete en ongemonteerde interviews met deze Groningers duren gemiddeld ruim een uur.  De verhalen zijn bovendien uitgebreid samengevat en in fragmenten weergegeven, in het Nederlands. De interviews vinden doorgaans in het Gronings plaats. De taal waarin de geïnterviewden zich het beste kunnen uiten en zich vertrouwd voelen. De setting waarin de geïnterviewden vertellen is hier ook op ingericht: de eigen huiskamer, zittend in een gemakkelijke stoel. Deze ongemonteerde interviews zijn hier te bekijken door te zoeken op de naam van de geïnterviewde.

De verhalen in Hou t was zijn ooggetuigenverslagen en hoeven daarmee niet altijd de historische werkelijkheid weer te geven. Het zijn persoonlijke herinneringen van mensen, maar die zijn daarom niet minder waardevol. Hun leven heeft zich er namelijk wel naar gevoegd.

Duitse dienstmeisjes in Nederland

Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis 

Audiocollectie interviews Nederlandse dienstmeisjes

 

Barbara Henkes

 

COLL00184

 

Aantal interviews: 26

Proefschrift Universiteit van Amsterdam van historica/journaliste Barbara Henkes, waarin de geschiedenis van Duitse dienstmeisjes in Nederland wordt beschreven. Vanaf het begin van de jaren twintig werden Duitse meisjes geworven om in Nederlandse huishoudens te gaan werken. Op basis van interviews is onderzocht hoe het was om als Duitse vrouw in Nederland te werken in tijden van groeiende werkloosheid en opkomend nationaal-socialisme. Ook wordt aandacht besteed aan de verschillen tussen de positie van Duitse en Nederlandse dienstmeisjes, aan de betekenis van Duitse confessionele meisjesverenigingen en de positie van die vrouwen die – vaak door een huwelijk met een Nederlander – in Nederland bleven wonen.

Documentaire VPRO / NOVA: Duitse dienstmeisjes (NTR, 1995):

ntr-1995-nova-duitse-dienstmeisjes

 

Het Molukse perspectief in oorlogstijd

Een M23 Vickers 6,5 mm mitrailleur (Beeldbank WO2 NIOD)

 

Thematische collectie: Erfgoed van de Oorlog, Getuigen Verhalen, Project ‘Het Molukse perspectief in oorlogstijd

het-molukse-perspectief-oorlogstijd

 

De collectie is ondergebracht bij DANS:

https://doi.org/10.17026/dans-zpk-7kjn

 

48 interviews

[54 bestanden – beperkt openbaar]

De interviews 01, 11, 16, 17, 31, 39 en 48 zijn vrij toegankelijk (open access) voor geregistreerde EASY gebruikers. Voor toegang tot de andere interviews (restricted) is eerst toestemming van de deponeerder nodig.

 

 

In het kader van het oral history-project zijn interviews gehouden met Molukse ouderen over hun ervaringen tijdens de Tweede Wereldoorlog en de nasleep daarvan. Niet alleen komen Molukkers aan het woord die momenteel in Nederland wonen, maar ook respondenten in Indonesië. Zij hebben dikwijls andere ervaringen en een andere perspectief op de oorlogsjaren en de tijd erna dan degenen die rond 1951 naar Nederland kwamen. Door beide groepen te interviewen wordt een brug geslagen tussen de geschiedschrijving van de oorlog in Nederland en in Nederlands-Indië /Indonesië. Aan het woord komen respondenten uit diverse lagen van de bevolking en met uiteenlopende religieuze achtergronden. Sommige interviews zijn in het Nederlands, andere in het Indonesisch of een Maleis dialect.

 

Anti tank gun with caterpillar tractor in the N.E.I. army (KNIL). NI 248

 

 

Trauma & Resilience

36 interviews met leden van 3 generaties uit 11 families in de Joodse gemeenschap in Nederland over de doorwerking van de Holocaust in hun leven en in hun families in termen van veerkracht, trauma en zingeving.

uvh.nl/trauma-resilience

 

Researchers

Dr. Nicole Immler

Dr. Carmen Schuhmann

 

https://doi.org/10.17026/dans-223-85xc

 

Aantal interviews: 36

Dit project omvat 36 interviews met leden van 3 generaties uit 11 families in de Joodse gemeenschap in Nederland over de doorwerking van de Holocaust in hun leven en in hun families in termen van veerkracht, trauma en zingeving (meaning in life). De dataset is in januari 2018 afgerond en wordt vanaf 2020 voor wetenschappelijke doeleinden beschikbaar gesteld onder voorwaarde dat de resultaten van het onderzoek op dat moment zijn gepubliceerd.

 

Beschrijving van de onderzoeksopzet

Deze interviewcollectie is verzameld in het kader van het onderzoeksproject Trauma & Resilience: Intergenerational Holocaust research from an existential perspective van dr. Carmen Schuhmann (resilience & meaning in life), dr. Nicole Immler (oral history & history) en dr. Wander van der Vaart (methodology), allen werkzaam aan de Universiteit voor Humanistiek in Utrecht.

 

Beschrijving van de interviews
Geanonimiseerde aanduiding families en respondenten Het project omvat 36 interviews met leden van 11 families (A t/m K) van Nederlandse Holocaust-overlevenden. Van 7 families (A t/m D en F t/m H) zijn leden van 3 generaties geïnterviewd; van 4 families (E, I, J en K) leden van 2 generaties. De respondenten zijn op de volgende manier geanonimiseerde weergegeven: de eerste letter (A t/m K) geeft de familie aan waartoe de respondent behoort; de aanduiding 1G, 2G of 3G daarna geeft de generatie waartoe de respondent behoort aan;[2] voor respondenten uit de eerste en tweede generatie geeft het laatste cijfer (1 of 2) aan om de hoeveelste respondent van de gegeven familie en generatie het gaat; voor respondenten uit de derde generatie geeft – van de twee cijfers aan het slot (1 of 2) – het eerste cijfer aan welke respondent uit de tweede generatie de ouder van deze respondent uit de derde generatie is, en het tweede cijfer om de hoeveelste respondent met deze ouder het gaat.

 

Schuhmann, dr. C.M. (Universiteit voor Humanistiek); Immler, dr. N. (Universiteit voor Humanistiek) (2018): Trauma & Resilience: Intergenerational Holocaust research from an existential perspective. DANS.

https://doi.org/10.17026/dans-223-85xc