menu
Geef een of meerdere zoektermen op.
Gebruik dubbele aanhalingstekens om in de exacte woordvolgorde te zoeken.

De inwoners van Den Dungen tijdens de Tweede Wereldoorlog

Brabants Historisch Informatie Centrum
 
Tijdsaanduiding: 1939-1945
Aantal interviews: ≥40
Toegankelijkheid: deels raadpleegbaar in het archief
Transcripties: onbekend
Periode interviews: 1987-1989
 

Ongeveer veertig inwoners van Den Dungen spreken over hun ervaringen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Verschillende personen komen aan bod, zowel verzetslieden als “gewone” mensen.

 

In Den Dungen vlogen in september 1944 meer dan 2000 zweefvliegtuigen over het dorp. Van 17 tot 26 september 1944 wilden de geallieerden met een groot offensief (operatie ‘Market Garden’) een bruggenhoofd over de grote rivieren in Nederland creëren. In een bliksemsnelle aanval moesten luchtlandingstroepen bruggen veilig stellen. Grondtroepen moesten daarna vanuit België over deze bruggen oprukken naar het IJsselmeer. Er werden drie complete divisies gedropt: de 101ste US Airborne Divisie bij Eindhoven en Veghel, de 82ste US Airborne Divisie bij Grave en Groesbeek en de 1ste Britse Airborne Divisie bij Arnhem en Oosterbeek. Bij de Amerikanen verliep alles vrij goed. De bruggen over de Maas en het Maas-Waalkanaal bij Heumen en de meeste bruggen nabij Eindboven vielen in hun handen en na harde strijd ook de Waalbrug bij Nijmegen. Maar de Rijnbrug bij Arnhem bleek een brug te ver. De Britse para’s werden verrast door Duitse pantsertroepen en moesten zich onder zware verliezen terugtrekken in de Betuwe.

 

Tijdens deze grootscheepse operatie streken bijna 800 zweefvliegtuigen neer op Brabantse bodem. In deze provincie was de driehoek Den Dungen-Vught-Den Bosch (met als codenaam ‘Ellis’) een richtpunt voor alle sleep- en zweefvliegtuigen. Van hieruit vloog men de landingsplaatsen aan.

Een oral history van vormgeving & design

Vlaams Architectuurinstituut
 
Tijdsaanduiding: 1916-2014
Aantal interviews: 7 (8 personen)
Toegankelijkheid: via aanvraagformulier
Transcripties: korte samenvatting
Periode interviews: 18 juni 2014 - 19 januari 2015
 

Het cultureel erfgoed van vormgeving bestaat niet alleen uit schetsen, maquettes, foto’s of briefwisseling van vormgevers. Er is bij vormgeving ook een sterke wisselwerking tussen expliciete kennis en onbewuste kennis, kennis die misschien wel doorgegeven wordt maar die meestal geen schriftelijke neerslag krijgt. Daarom nam het Vlaams Architectuurinstituut interviews af met ontwerpers, beleidsmensen en ambachtslieden. De interviews behandelen daardoor niet allemaal dezelfde onderwerpen en tijdsperken. Er is gekozen voor een mix van jong en oud en van beroep, zowel meubelmaker, kunstenaar, designkenner als directeur van Design Vlaanderen komen aan het woord.

 

De volgende personen werden geïnterviewd:

  • Leonce Dekeijser (1924-2015), interieurachitect, hij legt uit dat de opleiding “binnenhuis” in zijn studeertijd eigenlijk nog niet bestond. Hij volgde vakken bij de architecten en bij de sierkunsten en behaalde uiteindelijk het diploma meubelkunst. Hij gaat in op de lesmethodes, de vakken en zijn docenten. Hij spreekt over de wisselwerking tussen ontwerp en onderwijs
  • José Vanderlinden (1920-?), meubelmaker, de klemtoon in het gesprek met José Vanderlinden ligt, veel meer dan in het gesprek met Leonce Dekeijser, op de technische aspecten van het meubelmaken.
  • Luc (1953-nu) en Katrien Mestdagh (1980-nu), glasraamkunstenaars, het gesprek gaat onder meer over de neogotische traditie in Gent op het vlak van glasschilderkunst, en hoe die tot vandaag doorleeft in atelier Mestdagh. Ze bespreken de noodzaak van opdrachtgeverschap.
  • Achiel Pauwels (1932-nu), keramist, hij vertelt hoe hij het vak leerde, hoe de lesgevers de geheimen van het ambacht niet altijd zomaar prijsgaven, en wat de verhouding was tot de andere kunstambachtelijke opleidingen en de opleiding beeldhouwkunst. Het gesprek gaat ook in op de klemtonen die hij in zijn eigen lessen legde en het belang dat hij daarbij hechtte aan tekenen.
  • Moniek Bucquoye (1948-2022), kenner en promotor van design, het gesprek geeft een inkijk in de wijze waarop het onderwijs in de productontwikkeling gestalte kreeg in Vlaanderen vanuit historisch perspectief. Ze belicht het verschil tussen productontwikkeling en industrial design.
  • Lieven Daenens (1948-nu), voormalig directeur van het Design museum Gent. Daenens bespreekt de evolutie van het museum, de naamsverandering en de positieverandering met de komst van het museumdecreet in de jaren 1990. Hij bespreekt de kwaliteit van de Belgische designcultuur en de opleidingen in België.
  • Johan Valcke (1952-nu), directeur van Design Vlaanderen, het gesprek met Valcke geeft een inkijk in de wijze waarop in België en Vlaanderen vanuit economisch standpunt naar kunstambachten en vormgeving werd gekeken vanuit historisch perspectief.

 

De vier interviewers waren kunsthistorici en kunstenaars: Katarina Serulu, Marieke Pauwels, Eva Van Regenmortel en Aletta Rambaut

Karel Nort en Radio Herrijzend Nederland

Historisch Geluidsarchief RUU
 
Tijdsaanduiding: 1938-1946
Aantal interviews: 1 (1 persoon)
Toegankelijkheid: t.b.v. onderzoek
Transcripties: samenvatting
Periode interviews: 5 juni 1965
Opmerkingen:

Soort interview:  wetenschappelijk

De collectie is nog niet gedigitaliseerd en daarom niet direct in te zien bij Beeld & Geluid. Digitalisering kan wel worden aangevraagd bij Beeld & Geluid via: zakelijk@beeldengeluid.nl

 

In DAAN, het digitale archief van Beeld & Geluid zijn wel de volgende items te vinden: diverse items van Radio Herrijzend Nederland

Eveneens een documentaire over dit onderwerp onder de titel “Herrijzend Nederland” 18-09-1969 TROS

Drager: 2 geluidsbanden
 

R.L. Schuursma interviewde Karel Nort (1913-1981), die als chef-omroeper via Radio Herrijzend Nederland op 4 mei 1945 het nieuws van de Duitse Capitulatie meldde. Het interview ging over Norts rol in het verzet, zijn werk bij de AVRO en zijn rol als chef-omroeper bij Radio Herrijzend Nederland.

 

Nort trad in 1938 in dienst van de AVRO als sportverslaggever. Na het verdwijnen van de omroepen werkte hij tot begin 1943 voor de gelijkgeschakelde Nederlandsche Omroep. Toen dit werk hem te gortig werd, vertrok hij naar Maastricht, waar hij ging werken in de stationsrestauratie. Hij raakte daar betrokken bij het verzet en was betrokken bij wapensmokkel. Vervolgens, na de bevrijding van Eindhoven in 1944, crosste hij bij Biesbosch en werd hij medewerker van Radio Herrijzend Nederland. Met een geïmproviseerde reportagewagen trok hij door het bevrijde deel van Nederland. Nort geeft hier een verslag van deze bezigheid.

 

Wanneer op zaterdag 5 mei 1945 de capitulatie van de Duisters in heel Nederland bekend wordt, is het voor de medewerkers van Radio Herrijzend Nederland nog de vraag wat er na de bevrijding met de zender gaat gebeuren. Het hoofd van het Militair Gezag heeft in de eerste plaats besloten dat Radio Herrijzend Nederland na de bevrijding onmiddellijk uit de lucht gehaald zou worden. Dit zou uiteindelijk pas in 1946 gebeuren.

 

Voor meer informatie over het interview en de geïnterviewde, zie: SFW-werkuitgave no. 8 (1995), p.34

 

 

 

 

 

Jan Teunissen, de Nederlandse filmindustrie en het nationaalsocialisme

Historisch Geluidsarchief RUU
 
Tijdsaanduiding: 1939-1945
Aantal interviews: 3 (1 persoon)
Toegankelijkheid: t.b.v. onderzoek
Transcripties: samenvatting; volledig van een gedeelte
Periode interviews: 13 en 27 november 1964 en 8 januari 1965
Opmerkingen:

Soort interview: wetenschappelijk

Deze interviews zijn te vinden in DAAN, het digitale archief van Beeld & Geluid onder Drie interviews met G.J. Teunissen (Leider Filmgilde 1941-1945) 11-11-1964

Drager: 4 geluidsbanden
 

De historicus R.L. Schuursma interviewde in 1964 en 1965 de filmmaker Gerardus Johannes (Jan) Teunissen (1898-1975). Hij was een nationaalsocialistische filmmaker in Nederland. In 1933 maakte hij zijn eerste speelfilm, Willem van Oranje. Dit was Nederlands eerste geluidsfilm. De interviews verschaffen daardoor informatie over de Nederlandse filmgeschiedenis en de rol van het nationaalsocialisme en collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog.

 

Op 27 augustus 1940 werd Teunissen lid van de Nationaal-Socialistische Beweging (NSB) van Anton Mussert. Al snel werd hij hoofd van de Filmdienst van de NSB. Zijn ster rees snel en het duurde niet lang of hij was de machtigste man in de Nederlandse filmwereld gedurende de Tweede Wereldoorlog. Tussen 1941 en 1945 was hij leider van de filmgilde, een onderdeel van de Nederlandsche Kultuurkamer. Dit was een Duits instituut waar alle kunstenaars, architecten, schrijvers, etc. aangesloten bij moesten zijn om te mogen werken. Als voorzitter van de Rijksfilmkeuring was Teunissen de personificatie van het collaborerend deel van de Nederlandse filmindustrie.

 

Na de geallieerde overwinning werd Teunissen van 5 november 1945 tot 10 mei 1948 gedetineerd. Opvolgend werd het hem tien jaar lang verboden in de Nederlandse filmindustrie werkzaam te zijn.

 

Een artikel over Teunissen en de eerste Nederlandse geluidsfilm

Ernst Voorhoeve, kunst, propaganda, Verdinaso en de NSB

Historisch Geluidsarchief RUU
 
Tijdsaanduiding: 1931-1943
Aantal interviews: 1 (1 persoon)
Toegankelijkheid: t.b.v. onderzoek
Transcripties: volledig
Periode interviews: 25 april 1966
Opmerkingen:

Soort interview: wetenschappelijk

De interviews zijn te vinden in DAAN, het digitale archief van Beeld & Geluid met de zoekterm “Ernst Voorhoeve”

E. (Ernst) Voorhoeve (1900-1966) over Verdinaso en NSB 25-04-1966

Drager: 2 geluidsbanden
 

Kort voor zijn sterven sprak Ernst Voorhoeve (1900-1966) met de interviewers R.L. Schuursma en SJ. Vellenga. Hij was een Nederlands beeldhouwer en schilder. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij onder meer propagandaleider van de Nationaal-Socialistische Beweging (NSB) en het Departement van Volksvoorlichting en Kunsten. In dit interview van 2.5 uur spreekt Voorhoeve over het nationaalsocialisme en het Verbond van Dietsche Nationaal Solidaristen (Verdinaso).

 

In het begin van de jaren twintig bekeerde Voorhoeve zich tot het katholicisme. Hij maakte aanvankelijk schilderijen, tekeningen, houtsnedes en boekillustraties, maar ontwikkelde zich na zijn bekering tot beeldhouwer. Hij maakte (religieuze) sculpturen en kruisbeelden in hout en brons, die een primitief karakter hebben.

 

In 1932 werd Voorhoeve uit belangstelling lid van Verdinaso. Nadat hij in 1934 een toespraak van Joris van Severen had bijgewoond, werd hij als rijksorganisatieleider actief binnen de beweging. In 1938 werd de Nederlandse tak verzelfstandigd en kwam deze onder zijn leiding te staan, maar twee jaar later ging Verdinaso-Nederland onder druk van de bezetter op in de Nationaal-Socialistische Beweging (NSB). Voorhoeve werd propagandaleider van de NSB en in 1942 van het nationaalsocialistische Departement van Volksvoorlichting en Kunsten (DVK). Hoewel hij zelfs enige tijd aan het Oostfront vocht, was Voorhoeve geen voorstander van annexatie door de Duitsers. Hij verloor hun goedkeuring en moest in 1943 opstappen als propagandaleider van de NSB en het DVK.

Het Bijzonder Hof te Arnhem veroordeelde Voorhoeve in maart 1949 tot elf jaar gevangenisstraf.

 

Voor meer informatie over het interview en de geïnterviewde, zie: SFW-werkuitgave no. 8 (1995), p.49.

F.W. Wessels, klokkenluider van de NSB

Historisch Geluidsarchief RUU
 
Tijdsaanduiding: 1932-1945
Aantal interviews: 1 (1 persoon)
Toegankelijkheid: t.b.v. onderzoek
Transcripties: volledig
Periode interviews: 19 januari 1967
Opmerkingen:

Soort onderzoek: wetenschappelijk

De collectie is nog niet gedigitaliseerd en daarom niet direct in te zien bij Beeld & Geluid. Digitalisering kan wel worden aangevraagd bij Beeld & Geluid via: zakelijk@beeldengeluid.nl

Drager: geluidsband
 

R.L. Schuursma interviewde F.W. Wessels over fascisme, de NSB en de Tweede Wereldoorlog. Wessels is voornamelijk bekend van zijn brochure genaamd De N.S.B.-Leiding ontmaskerd. De bloem der natie (1936). Ook schreef hij Ik beschuldig! Mijn antwoord aan Ir. Mussert N.S.B.-aanslag op de A.V.R.O. “De Telegraaf” werd misleid (1936).

 

Als oud-Gewestelijk Propaganda Inspecteur voor Drenthe en Noord-Overijssel van de NSB bekritiseerde hij Mussert in deze twee geschriften. Hij kaartte de zelfverrijking van de NSB-leiding, onder andere door Musserts salaris prijs te geven. Eveneens bracht hij uit dat de NSB betrouwbare leden in alle mogelijke Nederlandse verenigingen en clubs probeerde te laten infiltreren. Als voormalig lid van de NSB en klokkenluider bezit Wessels belangrijke informatie over het functioneren van de vroege NSB.

 

Voor meer informatie over het interview en de geïnterviewde, zie: SFW-werkuitgave no. 8 (1995), p.51

 

Piet van der Ham

Voormalig Stichting Film en Wetenschap
 
Tijdsaanduiding: 1910-1995
Aantal interviews: 1 (1 persoon)
Toegankelijkheid: t.b.v. onderzoek
Transcripties: Nee
Periode interviews: 1995
Opmerkingen:

De collectie is nog niet gedigitaliseerd en daarom niet direct in te zien bij Beeld & Geluid. Digitalisering kan wel worden aangevraagd bij Beeld & Geluid via: zakelijk@beeldengeluid.nl 

Drager: 3 cassettebanden
 

Het interview met Piet van der Ham (geboren in 1910) werd gemaakt in het kader van Renate Bergsma’s onderzoeksstage bij SFW in 1995. Het werd verwerkt in haar doctoraalscriptie ‘Spreekt u film?De katholieke cineast Piet van der Ham, Amsterdam (doctoraalscriptie Culturele Studies, UvA), 1995. Onder dezelfde titel publiceerde zij een artikel in het Jaarboek 1994 Stichting Film en Wetenschap – Audiovisueel Archief, Amsterdam: Stichting Film en Wetenschap, 1995, p.75-101. 

 

Piet van der Ham wordt gekenschetst als een katholiek filmer. Zijn ‘ontdekking’ in 1936 als amateurfilmer door de cineast Otto van Neijenhoff was de aanzet tot een hele reeks opdrachtfilms vanuit die hoek. Hij werd theoretisch beïnvloed door de katholieke ‘filmpaus’ Janus van Domburg en de schrijver-dichter A.J.D. van Oosten en meer algemeen door de esthetische opvattingen van de Filmliga. Met Van Oosten richtte hij de katholieke filmgroep Kafilgro op. De amateurfilm Redt Volendam, gemaakt door Piet van der Ham en Goof Bloemen, is te vinden op de website van Beeld & Geluid. 

 

Tijdens de Tweede Wereldoorlog experimenteerde hij met speelfilms, samen met zijn vriend Alfred Mazure, en werkte als fotograaf voor de Binnenlandse Strijdkrachten. In de loop van de jaren leverde hij vele filmjournalistieke bijdragen aan dagbladen als De Tijd en de Maasbode en was verbonden aan filmtijdschriften als Filmfront en Filmforum. Tevens was hij betrokken bij de Katholieke Filmkeuring. Na de oorlog maakte hij een aantal films voor de KVP, waaronder de bekende De Opdracht (1956). Daarnaast maakte hij verscheidene bedrijfsfilms en produceerde journaalitems voor Polygoon en de NTS. Van der Ham doceerde ten slotte film en fotografie in Den Haag. 

Gé van der Werff

Voormalig Stichting Film en Wetenschap
 
Tijdsaanduiding: 1925-1990
Aantal interviews: 1 (1 persoon)
Toegankelijkheid: t.b.v. onderzoek
Transcripties: Nee
Periode interviews: 1992
Opmerkingen:

De collectie is nog niet gedigitaliseerd en daarom niet direct in te zien bij Beeld & Geluid. Digitalisering kan wel worden aangevraagd bij Beeld & Geluid via: zakelijk@beeldengeluid.nl 

Drager: 2 cassettebanden
 

Het interview werd gehouden in het kader van Seliers promotieonderzoek naar de geschiedenis van de Nederlandse (pers-)fotografie. Hoofddoel van dit interview was meer te weten te komen over HET Polygoon-Fotopersbureau tijdens de bezettingsjaren en de oprichting van het ANP-Fotopersbureau na de oorlog, waarin Polygoon-Foto werd geïncorporeerd, inclusief het foto-archief dat overigens voor een belangrijk deel werd vernietigd. Over het archief en wat daarvan rest schreef Selier het artikel ‘Polygoon foto-archief’, in: GBG-Nieuws 20, pp. 7-9 (serie Fotohistorische Frontberichten). 

 

Van der Werff was vóór de oorlog als persfotograaf werkzaam bij de foto-afdeling van het film-en fotoproduktiebedrijf Polygoon te Haarlem. In 1938 werd hij gedetacheerd in Den Haag. Hij verliet het bedrijf echter in 1941 en keerde terug naar Haarlem om daar als ‘stadhuis’-fotograaf enkele jaren zijn brood te verdienen. Na de oorlog was hij de eerste fotograaf in dienst bij het nieuw opgerichte ANP-Fotopersbureau, waar hij tot aan zijn pensioen bleef. Van der Werff spreekt ook over collega-fotografen, waaronder Aart Klein. 

Gaston Leval en de anarchistische zaak

Rudolf de Jong | IISG
 
Tijdsaanduiding: 1921-1939
Aantal interviews: 1 (1 persoon)
Toegankelijkheid: t.b.v. onderzoek
Transcripties: nee
Periode interviews: 16 april 1973
Opmerkingen:

Soort interview: onderzoek

Dit interview is te vinden in DAAN, het digitale archief van Beeld & Geluid onder “Stichting film en wetenschap” en/of “Gaston Leval (Ps. Pierre Piller), Franse anarchist”

Er bestaat eveneens een transcriptie van een interview met de interviewer Rudolf de Jong

 

 

Drager: 3 geluidsbanden
 

Rudolf de Jong interviewde Gaston Leval (1895-1978) over de Spaanse Burgeroorlog, het Spaanse anarchisme, collectivisaties en Levals reis naar de Sowjet-Unie in 1921. Leval (ook pseudoniem Pierre Piller) was de zoon van een communard en corrector van beroep. In 1915 trok hij als Franse dienstweigeraar naar Spanje, waar hij zich aansloot bij de anarcho-syndicalistische vakbeweging, de Confederación Nacional del Trabajo (CNT).

 

Na in 1921 enkele maanden in de Sowjet-Unie te hebben doorgebracht als gedelegeerde van de CNT, vestigde hij zich in 1924 in Argentinië. In 1934 keerde hij terug naar Spanje waar hij als actief lid van de CNT de Spaanse Burgeroorlog meemaakte. Terug in Frankrijk in 1938 werd hij alsnog wegens dienstweigering tot 4,5 jaar gevangenisstraf veroordeeld. Hij ontsnapte in 1940 en vluchtte naar het platteland. Zijn hele verdere leven bleef hij zich in woord en geschrift inzetten voor de anarchistische zaak. Hij publiceerde een groot aantal artikelen, brochures en boeken in het Frans, Spaans en Italiaans.

 

De interviewer schreef een academisch artikel over dit onderwerp genaamd “Triomf en tragiek in Spanje over de CNT en het anarchosyndicalisme” Zie hiervoor bladzijde 55

 

Lou Lichtveld, literatuur en koloniaal Suriname

Annemieke Kaan
 
Tijdsaanduiding: 1921-1984
Aantal interviews: 1 (1 persoon)
Toegankelijkheid: t.b.v. onderzoek
Transcripties: nee
Periode interviews: 15 september 1984
Opmerkingen:

De collectie is nog niet gedigitaliseerd en daarom niet direct in te zien bij Beeld & Geluid. Digitalisering kan wel worden aangevraagd bij Beeld & Geluid via: zakelijk@beeldengeluid.nl

In DAAN, het digitale archief van Beeld & Geluid is wel het volgende item te vinden: Oral History 19-11-1987 VPRO, een interview met Lichtveld over zijn werk als lid van de zuiveringscommissie voor de omroep

Zie eveneens dit vier uur lange interview van de VPRO met Lou Lichtveld 

Drager: 1 geluidsband
 

Annemieke Kaan interviewde Lou Lichtveld (1903-1996) ten behoeve van haar doctoraalscriptie geschiedenis (RUU) over Suriname. Met Helman wordt gesproken over het landsbestuur van de voormalige Nederlandse kolonie en over zijn literaire werk.

 

Lichtveld kwam op 18-jarige leeftijd naar Nederland, deed journalistiek werk, studeerde muziek en ontwikkelde zich tot (film)componist en filmcriticus. In 1949 ging hij terug en bekleedde verscheidene openbare functies in het land. Zo was hij van 1949-51 minister van Onderwijs en in de jaren zestig gevolmachtigd minister van het Koninkrijk der Nederlanden. Hij ontpopte zich tevens tot een inspirerende figuur in het Surinaamse culturele leven. Voor zijn boeken koos hij vaak het land tot onderwerp, zij het dat hij zich ermee voornamelijk tot een Nederlands publiek richtte. Later vestigde hij zich opnieuw in Nederland.